De Haven.

Ondanks dat het buiten erg warm is, heb ik het koud. We zitten, voor de tweede keer, in de wachtkamer van het bestralingscentrum.  Door de gaten in mijn geheugen, kan ik me hier niets meer van herinneren en lijkt het of ze verbouwt hebben. Onze koningin staart me aan, vanaf de leestafel. 

“Tik tik tik tik” kordate hakjes onder een witte jas  komen onze kant oplopen. Kort koppie en n olijk gezicht. ‘Oh leuk, dat is ze vast’ fluister ik Theo al stotend aan. Als ze mijn naam noemt, blijk ik gelijk te hebben. Ik kijk op de klok, ze is exact op tijd. Met een vriendelijke glimlach stelt ze zich voor. Mijn radio-therapeut. Ik vind haar gelijk leuk en er komt iets van licht en lucht in mijn gespannen zijn. 

Ze loopt  vlot voor ons uit, haar spreekkamer in.

Bij binnenkomst valt mijn oog op het computerscherm, met daarop beelden van mijn lichaam, weet ik ondertussen te onderscheiden uit die vage schaduwen. Beelden met stipjes. Tijdens de onderzoeken wilde ik geen beeldmateriaal zien. Theo zat er met zijn neus bovenop. Ik geloofde het wel. Te confronterend. Alles stap voor stap. Als ze vraagt hoe het gaat, ben ik al in tranen. De chemo zit nog volop in mijn lijf, ik ben gespannen en emotioneel. Bang voor wat er komen gaat.

Bewust lees ik niets op internet over mijn ziekte en vraag ik dokter Google niet om raad.   Advies en verhalen over bijwerkingen krijg ik zo wel, ongevraagd, uit mijn omgeving. Zelfs de desbetreffende zalf, die ik het best kan gebruiken voor de open wonden die ik straks krijg, wordt aanbevolen. Ik word daar onzeker van en bang. Wat staat mij te wachten?

Ik heb geluk. Tegenover mij zit een heldere, lieve arts. Ze ziet mijn strijd. Rustig legt ze alles uit en waar ik de draad kwijt ben, legt ze het nog een keer uit. Wat ga ik doen? Nog een operatie met kans op toch ook nog bestralen? Of alleen bestralen? Ook de, eventuele, bijwerkingen bespreken we. Alles wat kan gebeuren maar niet hoeft te gebeuren. Dat hoort erbij, de patiënt volledig inlichten.

Het is een groot “niet weten” alles is “misschien” of “kans op” Het tolt door mijn hoofd. ‘Wat moet ik doen?’ Vraag ik haar. ‘Luister naar je gevoel, dan doe je wat bij jou past’ Aangezien ik zo weinig mogelijk behandelingen wil, en bestraling net zo effectief als opereren is, kies ik voor de boot van de bestraling. Haar boot.

Bij het afronden, zeg ik toch nog even dat haar meisjesnaam mij bekend voorkomt. En daar gaat haar blik naar Theo. ‘Nou, dan wend ik mij tot u. U komt mij zo bekend voor!’ Algauw blijkt dat ze elkaar al eens hebben ontmoet en waar de connectie ligt. En dan blijkt ze ook nog eens gewoond te hebben in het huis waarin mijn vriendin nu woont. In ons dorp! Geamuseerd nemen we afscheid.

Ik stap in deze boot, en met haar als  mijn kapitein vertrouw ik erop dat ik de haven bereik. 

De haven heb ik bereikt, met haar.

Mijmerend sta ik nu op een andere boot. De boot van Harlingen naar Terschelling. We zijn een jaar verder. Ik haal diep adem, geniet van de zeewind op mijn gezicht en stap de haven op. Deze keer die van Terschelling.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *