Vrolijk kwispelend loopt hij langs onze oprit, onze vriendelijke, zwarte, buurhond. Hij wordt op afstand gevolgd door zijn vrouwtje, die voor ons huis loopt , als wij ook ons rondje aanvangen. Hond is nog pup, en blij en enthousiast rent ze achter buurhond aan. ‘Zullen we samen lopen?’ Stel ik voor. Wel zo gezellig. Ze had na lang twijfelen een kaartje bij mij in de brievenbus gedaan toen ze hoorde dat ik ziek was, schreef ze. Misschien bang om niet het juiste te schrijven, of niet weten wat te schrijven? Gelukkig heeft ze haar gevoel gevolgd en het toch gedaan, zegt ze, als ik haar bedank voor haar lieve kaart. ‘Je haar groeit alweer lekker’ merkt ze op, doelend op de vlasjes op mijn hoofd. Ze vraagt hoe het met mij is, hoe het is om je borst te moeten missen. Ik hou van zo’n vraag, als het in de context past. Dan is het maar duidelijk. Is dat niet waar we allemaal een soort van nieuwsgierig naar zijn? Hoe is het om een been of een arm te missen? Om blind te zijn? Om doof te zijn? Om zo’n enge ziekte te hebben? Om een borst te missen? ‘Valt mij heel erg mee’ ik leg haar uit hoe het is, voelt en eruit ziet. Dat ik daar eigenlijk niets van voel en dat het er goed uitziet. Dat ik dat geaccepteerd heb. Dat de pijn in mijn hoofd zit. In mijn ziel. ‘Bij mijn kinderen.’ Weet ik er nog zachtjes uit te brengen. Als ik opzij kijk zie ik tranen in haar ogen. We spreken elkaar niet vaak, maar dat is niet waar dit over gaat. Het gaat over geraakt zijn in de kern. Zij is van mijn leeftijd en ook moeder. Dit kan haar ook overkomen en dat realiseert ze zich. ‘Dat kan ik me voorstellen en ook weer niet’ zegt zij, waarop ik haar toewens; ‘houden zo’ #ontroering #geraakt #steun#openheid #contact #verbinding#gesprek#bienblogt #borstkanker#breastcancer#schrijven #writing #familie

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *